Na drie proefjaren worden de 1 0 tot 1 5 procent beste proefrassen uitgeselecteerd. Deze worden opnieuw uitgezaaid (met het al eerder gewonnen zaad; zie punt 5). Dit uitzaaien gebeurt nu echter op meerdere locaties binnen en buiten Nederland. Na opnieuw drie proefjaren met vergelijkbare bewerkingen en beoordelingen worden de vijf procent beste proefrassen uitgeselecteerd. Uit elk proefras worden vervolgens 3 000 planten opgekweekt. Deze moeten zorgen voor de eerste, echte zaadproductie van het nieuwe ras (het zogeheten kwekerszaad).