Gras voor paarden |
Fructaan en HoefbevangenheidDe rol van fructaan en hoefbevangenheid Het fructaangehalte wisselt per grassoort. Uit meerjarig Duits onderzoek is gebleken dat Kropaar, Timothee, Roodzwenkgras en Beemdvossenstaart gemiddeld genomen een lager fructaangehalte bezitten dan bijvoorbeeld het Engels raaigras en Veldbeemdgras. Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de jaarinvloeden - met name als gevolg van de temperatuur - soms groter zijn dan de onderlinge verschillen tussen de grassen. Uit onderzoek is gebleken dat het fructaangehalte in grassen ondermeer afhankelijk is van de temperatuur, de hoeveelheid daglicht, het aandeel sporenelementen in de plant en de vegetatieperiode. Al deze invloeden komen weer terug in de energiebalans van de plant. In perioden met een negatieve energiebalans - dit is tijdens de groei, de bloei en de zaadontwikkeling van de plant - wordt de als fructaan opgeslagen energie weer opgenomen en neemt het fructaangehalte af. Grofweg is dit de periode van mei tot september. Daarna is er meestal sprake van een positieve energiebalans en neemt het fructaangehalte weer toe. Fructanen worden slecht verwerkt door de spijsverteringsorganen van het paard. Hierdoor komen ze in relatief grote hoeveelheden in de darm terecht. De darmflora kan daardoor overbelast raken, waardoor de zuurgraad te hoog wordt. Het natuurlijke zuur/base evenwicht in de dikke darm raakt daardoor in onbalans. Het gevolg hiervan is dat zich grote hoeveelheden melkzuur ontwikkelen, waardoor de pH-waarde in de darm sterk daalt, dus zuurder wordt. Hierdoor kunnen er endotoxinen vanuit de darm in de bloedbaan komen. Dit kan uiteindelijk leiden tot hoefbevangenheid. De eerste tekenen van hoefbevangenheid zijn vaak op te sporen in de mest: de mestballen hebben dan een onregelmatige vorm en ruiken zuur. Fructaan is schadelijk wanneer het gehalte rond de 7,5 gram fructaan per kg lichaamsgewicht uit komt. Een warmbloed paard neemt - bij een gemiddeld fructaangehalte van het gras - dagelijks ongeveer 2,05 gram fructaan per kg lichaamsgewicht op. Om de grenswaarde van 7,5 gram te bereiken zou een paard van 500 kg dagelijks 36,6 kg drogestof uit gras moeten eten. Daarvoor heeft een paard echter minstens 2,5 dag nodig. Onder normale omstandigheden is er dus niets aan de hand. Maar bij zeer hoge fructaangehaltes -bijvoorbeeld door een combinatie van zeer lage temperaturen in september en een ‘ongunstig’ grassenbestand - kunnen er wel problemen optreden. Deze problemen zijn te voorkomen door fructaanarme grassoorten in te zaaien, zoals Timothee en Roodzwenkgras. Daarnaast is het zinvol om de weides regelmatig te beweiden en te bemesten, ook tijdens het weideseizoen.
Hieronder vind u een Fructaanindex. Deze index geeft per dag aan hoe groot het gevaar van fructaan voor uw paard is. |