Gras voor de koe
 
Gras voor recreatie
 
Gras voor paarden
 
Groenbemesting
 
Koolzaad en Granen

Graszaadteelt


 

Resultaten en conclusies

2004

De omstandigheden bij zaai waren goed; door een droog voorjaar en een droge zomer was de bodemstructuur fijn. De hoeveelheid aantasting was mede hierdoor lange tijd laag. Pas aan het einde van de winterperiode begon de aantasting toe te nemen, wat resulteerde in flinke standverschillen in het voorjaar.
Het resultaat van drie behandelingen met slakkenkorrels was relatief goed. Deze behandeling resulteerde in een hoger standcijfer en een betere grondbedekking dan het onbehandeld zaad.
Van de getoetste middelen resulteerden middel B, middel E en middel F in een goed resultaat. Geen van deze toepassingen gaf fytotoxiciteit en allemaal resulteerden ze in hogere standcijfers dan het onbehandeld zaad. Middel E en middel F gaven daarnaast een betere grondbedekking.

afbeelding
afbeelding

2005

De omstandigheden waren zeer gunstig voor slakken; de grond lag grof en was de hele proefperiode vochtig tot nat. Van de zaadbehandelingen gaven alleen behandelingen met middel A in de doseringen 300, 400 en 600 ml per kg zaad en middel G in de dosering 40 g per kg zaad een betere opkomst dan onbehandeld. Wel gaven de twee hoogste doseringen middel A enige opkomstvertraging. Zaadbehandelingen met middel A in alle drie doseringen, middel E in de dosering 206 g per kg zaad en middel H in de dosering 240 ml per kg zaad gaven een lager percentage aangetaste planten dan het onbehandeld zaad.
In de veldproef resulteerden vóór de winterperiode zaadbehandelingen met 800 ml middel A en 320 ml middel F in meer opkomst en minder aantasting dan het onbehandeld zaad. Ook 160 ml middel F per kg zaad had datzelfde effect aanvankelijk, maar later was dit effect verdwenen. Twee behandelingen met Caragoal Gr gaven eveneens meer planten per m² dan het onbehandeld zaad en een lager percentage aangetaste planten.
Tijdens en na de winter gaf toepassing van 320 ml middel F per kg zaad meer planten per m² en een beter stand van het gewas dan het onbehandeld zaad. Dit resultaat was gelijk aan dat van twee behandelingen met Caragoal Gr slakkenkorrels.

afbeelding
afbeelding
afbeelding

2006

Er werd met zaaien gewacht tot er gunstige omstandigheden voor slakken waren. Alle geteste zaadbehandelingen gaven minimaal een gelijke opkomst als twee behandelingen met slakkenkorrels. Na de winter resulteerden de hoogste dosering middel A en middel F in betrouwbaar hoger cijfer voor gewasontwikkeling dan twee keer strooien van slakkenkorrels. Ook was eind april het percentage grondbedekking een derde hoger dan bij gebruik van slakkenkorrels. Uit de potproef met de vergelijking tussen diploïd en tetraploïd graszaad bleek, dat er vrijwel geen verschillen waren tussen beide graszaadsoorten. De fytotoxiciteit lag voor beide soorten op hetzelfde niveau, en ook wat betreft de werking tegen slakken werden slechts kleine verschillen gevonden

afbeelding
afbeelding