Gras voor de koe
 
Gras voor recreatie
 
Gras voor paarden
 
Groenbemesting
 
Koolzaad en Granen

Graszaadteelt


 

Resultaten

Uit beide uitgevoerde proeven kwam naar voren dat een teeltsysteem waarbij in de herfst eerst veldbeemd wordt gezaaid en vervolgens in het daaropvolgende voorjaar zomergerst (met een graslanddoorzaaimachine) technisch mogelijk is. Wel is ervaren dat in het najaar soms gedurende een lange periode zaai van het veldbeemdgras niet mogelijk is, doordat de grond te nat is.
Door eerdere zaai van het veldbeemdgras kreeg dit gewas een betere ontwikkeling en hogere zaadopbrengst dan bij gelijktijdige zaai met zomergerst. De ontwikkeling van het veldbeemdgras was in grote lijnen sterker naarmate het veldbeemd eerder werd gezaaid. Bij zaai voor november trad er al min of meer pluimvorming op in de dekvrucht zomergerst en leek het gewas vatbaarder voor roest in de dekvrucht.
Zaai van het veldbeemdgras voor eind december leidde tot een daling van de zaadopbrengst van de dekvrucht zomergerst, hetgeen vermoedelijk voor een belangrijk deel kan worden toegeschreven aan de concurrentie van het veldbeemdgras.
Opzuigen van het kaf na de oogst van de dekvrucht zomergerst leidde in de eerste proef tot een vermindering van 16 korrels (= potentiële opslagplanten) per m2. Door de optredende hoogteverschillen tussen de opslagplanten van zomergerst en het veldbeemdgras kon na de oogst van de dekvrucht zowel voor als na de winter worden gemaaid. Ondanks de open winters was opslag van zomergerst hiermee in beide proeven van weinig betekenis.
In beide proeven bleek dat naarmate de ontwikkeling van het veldbeemdgras sterker was de problemen met onkruidgrassen geringer waren. De resultaten bij de eerste proef werden ernstig verstoord door een zeer zware veronkruiding met straatgras. Een bestrijding met Boxer (met proefontheffing) na de oogst van de dekvrucht was niet voldoende effectief. De zaadopbrengst van het veldbeemdgras was aan de lage kant en de kwaliteit (verontreiniging met straatgras) onacceptabel. Uit de uitgevoerde proeven bleek dat het te riskant is om veldbeemdgras met dekvrucht zomergerst te telen als er geen of onvoldoende deugdelijke herbiciden zijn toegelaten waarmee met name straatgras kan worden bestreden.
Ondanks een goed spruitbestand voor de winter (tot meer dan 5.500/m2) en een goede pluimdichtheid (tot ruim 3.000/m2) viel ook bij de tweede proef de zaadopbrengst van het veldbeemdgras niet mee. Het (vrij laat) opzuigen van het kaf en naalden (Z4) leidde niet tot een duidelijke verbetering van de zaadopbrengst.
De belangrijkste resultaten zijn in onderstaande tabellen samengevat. Z6 is het object waarbij het veldbeemdgras direct na zomergerst is gezaaid.

afbeelding
afbeelding