Gras voor de koe
 
Gras voor recreatie
 
Gras voor paarden
 
Groenbemesting
 
Koolzaad en Granen

 

Opbrengst en kroonroestresistentie staan voorop

Opbrengst en kroonroestresistentie staan voorop

Bij melkveehouder Arnout Oudijk in Zeewolde draait het grasland mee in een akkerbouwrotatie. Hij zaait daarom elke vier jaar nieuw grasland in. Bij de mengselkeuze let hij vooral op goede opbrengstcijfers, maar hij kijkt ook nadrukkelijk naar de kroonroestresistentie, “want dat probleem duikt hier elk jaar eerder op.” 
 

Bedrijfsgegevens
Arnout Oudijk heeft een melkvee bedrijf in Zeewolde (Fl.). Het bedrijf beschikt over 100 hectare grond, waarvan de helft wordt verhuurd voor aardappel-, uien- en spruitenteelt. Ongeveer 23,5 hectare is in gebruik als grasland. De overige gewassen zijn maïs (11 ha), tarwe (14 ha ) en luzerne (2 ha). Op dit moment zijn er 75 melkkoeien op het bedrijf aanwezig. Omdat Oudijk wil groeien houdt hij zoveel mogelijk jongvee aan (65-70 dieren).

“2012 wordt een jaar met veel belangrijke beslissingen. De technische resultaten op dit bedrijf zijn namelijk niet goed genoeg, vind ik. Dat ligt vooral aan de melkrobot die verouderd is en steeds vaker storingen geeft. De koeien komen er steeds minder graag. Er zal dus snel een nieuwe robot of melkstal moeten komen. Verder moeten we ook maar eens goed nadenken over bedrijfsuitbreiding, want 75 melkkoeien is op den duur gewoon niet genoeg.” Arnout Oudijk schetst tijdens een rondgang door de stal zijn plannen voor de toekomst. De jonge, ambitieuze veehouder boert sinds 2006 op de locatie in Zeewolde. Zijn ouders hebben ook nog een melkveebedrijf in Gouda; samen vormen ze de maatschap Oudijk.

Zijn de gebouwen en melktechniek nog niet geheel ‘toekomstbestendig’; de grond en de voerproductie zijn dat beslist wél. Oudijk heeft ongeveer 100 hectare zeer vruchtbare kleigrond tot z’n beschikking, waarvan hij de helft verhuurt aan akkerbouwers in de omgeving. Het areaal grasland – nu zo’n 23,5 hectare – draait daarbij mee in de rotatie met akkerbouwgewassen. Dit betekent dat de graspercelen elke vier jaar vernieuwd worden. Alleen wanneer het voorgewas zeer laat geoogst wordt – zoals dit jaar gebeurde met de maïs – blijft het grasland soms een jaartje langer liggen. “Dat betekent dus dat volgend jaar de helft van mijn grasland over de kop gaat ”, zo benadrukt hij het vaste stramien. 

Inzaaien met eigen machines

Inzaaien met eigen machines Het nieuw inzaaien doet Oudijk helemaal zelf. Hij begint met het twee keer lostrekken van het land (vaak uienland), daarna een keer cultivatoren en een keer kopeggen en tenslotte in eén werkgang nog een keer kopeggen en zaaien. “Daarmee heb ik de laatste jaren altijd een prima resultaat behaald”, zo stelt Oudijk. Bij de mengselkeuze let de veehouder vooral op de productie. Daarbij moeten de rassen niet alleen in de eerste twee seizoenen productief zijn, maar ook in het derde en vierde jaar. Verder probeert hij door toevoeging van Timothee iets meer structuur in het voer te krijgen. Oudijk: “Door de enorme groeikracht van het gras kunnen we hier altijd wel vijf goede snedes per seizoen van het land halen. Dat betekent dat we om de zes à zeven weken moeten maaien. Het spreekt voor zich dat er dan niet altijd evenveel structuur in zit. Met Timothee in het mengsel, maar ook door wat luzerne bij te voeren, probeer ik wat extra structuur in het voer te krijgen.” Ook belangrijk bij de mengselkeuze is de kroonroestresistentie van de rassen. Oudijk vertelt dat dit fenomeen de laatste jaren steeds vaker en ook steeds eerder de kop opsteekt. “Door de steeds krappere bemestingsnormen zie je de groeikracht van het gras steeds eerder teruglopen. Dat zorgt niet alleen voor meer kroonroest, maar het leidt ook tot teruglopende ruw eiwitgehaltes en hier en daar zelfs al tot fosfaattekort.”

‘MaaiBalance IV past hier prima’

 Met een uitgekiende rassenkeuze probeert Oudijk de grasproductie en -gezondheid zo goed mogelijk op peil te houden. De afgelopen jaren koos hij voor MaaiBalance IV, een mengsel met 60% tetra’s, 20% diploïdes en 20% Timothee. “Hierin zijn alle belangrijke eigenschappen goed vertegenwoordigd. De productie is ronduit goed; niet alleen in de eerste twee jaar, maar ook in het derde en vierde jaar. Daarnaast zorgt de Timothee voor wat extra smakelijkheid en structuur. Verder bezitten alle rassen in dit mengsel een zeer kroonroestresistentie. Kortom, een mengsel dat hier de komende jaren uitstekend past.”